Publicaties

Algemeen

Living Lab Utrecht

Bekijk alle publicaties op de pagina van Living Lab Utrecht 

Pilotstad Eindhoven

Pilotstad Schiedam

Engelstalige publicaties

Booklet Programma Slimme en Gezonde Stad

Programma Slimme en Gezonde Stad (PDF)  beschrijft het Programma Slimme en Gezonde Stad van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het gaat in op de doelen, de vijf centrale thema’s en op pilot projecten in de zes steden waar het ministerie samenwerkingsafspraken mee heeft gemaakt.
Ook in het Engels beschikbaar, zie onderaan deze pagina.

Meten voor een gezonde stad - Citizen science en luchtkwaliteit

Meten voor een gezonde stad (PDF) biedt een overzicht van luchtvervuilende stoffen, bronnen en effecten, nieuwe ontwikkelingen in het meten van luchtkwaliteit door het brede publiek en de samenwerking met wetenschappers. Ook de technische vooruitgang van het meten van luchtkwaliteit met kleine sensoren en de beschikbare hardware voor de metingen komen aan bod. Tevens bevat de publicatie een handleiding om zelf aan de slag te gaan met het meten van luchtkwaliteit.
Ook in het Engels beschikbaar, zie onderaan deze pagina.

Slim onderweg naar een stillere en gezonde stad

Slim onderweg naar een stillere en gezonde stad (PDF) biedt inzicht in de mogelijkheden om te werken aan een stillere en gezonde stedelijke omgeving. De focus ligt op gezondheidsaspecten van geluidshinder en de beleving van geluid in de openbare ruimte. De publicatie draagt praktische oplossingen, inspirerende voorbeelden en maatregelen aan die gericht zijn op de verbetering van de kwaliteit van de geluidsomgeving. 
Ook in het Engels beschikbaar, zie onderaan deze pagina.

Eindrapportage 'Circulair Beurskwartier' Living Lab Utrecht SGS

Voor de werklijn Circulaire economie is de rapportage 'Circulair Beurskwartier' (PDF) is opgesteld door marco.broekman urbanism research architecture en LINT landscape interventions in opdracht van de partijen van het Living Lab Utrecht SGS: de visie van deze twee ontwerpbureaus op de ontwikkeling in Utrecht vanuit het perspectief van circulaire economie. Zij hebben hierbij kennis betrokken van kennisinstellingen uit de regio en gemeente Utrecht. Ook hebben zij vanuit de werklijn ‘uitnodigen tot gezond gedrag’ kennis vanuit  de gedragswetenschap verwerkt in deze visie.  

Vanuit de optiek van circulariteit moeten stromen worden benaderd op verschillende schaalniveaus. Voor bijvoorbeeld afval en productiestromen van papier en plastic is vooral het regionale schaalniveau een goede invalshoek en elektronisch afval moet zelfs op nationaal niveau worden beschouwd. Deze constatering is van belang voor het zoeken naar oplossingen of ingrepen die het mogelijk maken om stromen slimmer te benutten en deze in het gebied zichtbaar te maken. 

Daarnaast bestaat een circulaire economie uit verschillende onderdelen. Naast het benutten van reststromen en het circulair maken van de bouwstromen zijn ook de volgende twee thema’s belangrijk binnen een Circulaire economie:

  • flexibiliteit van gebouwen en stedelijke structuren
  • de uitwisseling van kennis en data omtrent circulaire economie door middel van nieuwe platforms. 

Verder definiëren de twee bureaus vier thema’s die gezamenlijk duiden waar circulaire economie volgens hen over gaat: 

  1. Reststromen (“De Reproductieve Stad”)
  2. Bouwen en slopen (“De Remontabele Stad”)
  3. Flexibiliteit (“De flexibele stad”) 
  4. Deel kennis en data (“De lerende stad”)

Tenslotte introduceren ze een viertal strategieën, vanuit de optiek dat Circulair Beurskwartier niet uit één ingreep bestaat, maar uit een viertal strategieën die werken op verschillende schalen en werken met verschillende stromen. Zij hebben allemaal tot doel om de zichtbaarheid en verweving van de circulaire economie in het dagelijkse leven van bezoekers, bewoners en werknemers in het gebied te vergroten. En daarmee gezond en duurzaam gedrag te stimuleren. Het betreft de volgende vier strategieën, die de twee bureaus in deze rapportage nader toelichten:

  1. Test Site Beurskwartier
  2. Landschap als Machine 
  3. Het Hybride bouwblok 
  4. High Streets Utrecht

Eindrapportage 'De Klimaatneutrale en Klimaatbestendige Stad' Living Lab Utrecht SGS

De eindrapportage 'De Klimaatneutrale en Klimaatbestendige Stad' (PDF) is opgesteld door DE URBANISTEN in opdracht van de partijen van het Living Lab Utrecht SGS en bevat de visie van dit ontwerpbureau op de opgave voor een klimaatneutrale en klimaatbestendige stad. Deze is vervolgens uitgewerkt in een visie, strategie en vijf ambities en een overkoepeld doel voor een klimaatneutraal en een klimaatbestendig Beurskwartier. 

DE URBANISTEN hebben hierbij de bevindingen van het Utrecht Sustainability Institute (USI) betrokken. Het USI voert onderzoek uit in een internationaal wetenschappelijk traject om te komen tot een ‘Smart Sustainable District’ (SSD). Het Beurskwartier is, naast andere districten in Europa, geselecteerd voor dit SSD programma. Binnen het SSD is zowel voor warmte en koude, elektriciteit, water en mobiliteit gezocht naar optimale oplossingen voor het Beurskwartier. In het onderzoek van DE URBANISTEN zijn wetenschappelijke gegevens van het USCI vertaald naar ruimtelijke kansen, die in deze gegevens besloten liggen. Ook hebben DE URBANISTEN in sommige gevallen een volgende stap gemaakt in de geformuleerde ambities voor het SSD.

De strategie
In dit ontwerpend onderzoek staan drie invalshoeken centraal, die tevens met elkaar interacteren:

  • De verbeterde ‘Trias Energetica’, waarin het duurzaam opwekken direct samenhangt met het bewust verminderen van het energieverbruik.
  • De ‘Water Sensitieve Stad’, waarin het opvangen van te veel aan water, direct te relateren is aan het verzorgen van voldoende water in tijden van droogte.
  • Het uitwisselen van warmte en koude: inzet op cascadering van warmte tussen en binnen gebouwen, waarbij hoge calorische warmte wordt gebruikt door energie intensieve functies, waarna restwarmte stapsgewijs wordt hergebruikt totdat er een temperatuur overblijft die weer als koeling kan worden ingezet.

Het onderzoek gaat in op de meerwaarde van het koppelen van bovenstaande invalshoeken voor een concrete gebiedsontwikkeling, zoals die in het Beurskwartier.

Vijf ambities vormen samen een overkoepeld doel
Uit de bovengenoemde strategie volgt een veelheid aan maatregelen die DE URBANISTEN bundelen tot vijf overkoepelende ambities voor het Beurskwartier. Deze komen samen in een overkoepelend doel: SSD+: een integraal duurzaam toekomstperspectief voor het Beurskwartier. Hierin wordt ruimte gemaakt voor de opvang en het vasthouden van hemelwater in combinatie met een integrale vergroeningsstrategie, die zowel horizontaal als ook verticaal wordt doordacht. De verschillende duurzame systemen vormen in dit perspectief de basis voor het stedenbouwkundig plan. Dit heeft consequenties voor de ruimtelijke organisatie van de bouwblokken, de inrichting van de openbare ruimte en de zonering van het plangebied (met name verticaal). 

De vijf duurzame ambities zijn:

  1. Het Beurskwartier voorziet volledig in zijn eigen warmte en koudevraag
  2. Ruimtelijk ontwerpen met de zon en wind
  3. Elektriciteit: verbruik minimaliseren en lokale opbrengst maximaliseren
  4. Het Beurskwartier vangt al haar eigen regenwater op
  5. Maximaliseren van vergroening volgens het principe ‘stad als spons’

Eindrapportage 'Schone & Duurzame Mobiliteit' Living Lab Utrecht SGS

De eindrapportage 'Schone & Duurzame Mobiliteit' (PDF) is opgesteld door Bureau Nieuwe Gracht, Terra Incognita en Goudappel Coffeng in opdracht van de partijen van het Living Lab Utrecht SGS en bevat de verkenning van deze bureaus naar kansen, vanuit de invalshoek van schone en duurzame mobiliteit, voor een gezonde en duurzame ontwikkeling van het Beurskwartier. Via ontwerpend onderzoek zijn innovatieve ruimtelijke oplossingen in beeld gebracht, waarbij slimme technologieën en innovatieve mobiliteitsconcepten zijn geïntegreerd in een drietal ruimtelijke ontwikkelingsperspectieven voor het Beurskwartier.

Vier ontwerp- en onderzoekstappen

Het rapport beschrijft de volgende stappen in het onderzoek:

  1. Het inventariseren van kansen en innovaties op het gebied van duurzame en schone mobiliteit, o.a. middels gesprekken met deskundigen.
  2. Analyse en uitwerking van deze inventarisatie in een aantal samenhangende pakketten van maatregelen, die toepasbaar zijn op het Beurskwartier.
  3. Verkenning van de ruimtelijke kansen en mogelijkheden aan de hand van een drietal ontwikkelingsperspectieven:
    1. ‘In de buurt’
    2. ‘Op afstand’
    3. ‘Zelfrijdend’
      Deze drie ontwikkelingsperspectieven zijn in een scrumsessie vanuit verschillende invalshoeken besproken: duurzame mobiliteit, gezond gedrag, leefbaarheid en groen. Vervolgens zijn de drie perspectieven aangescherpt.
  4. Integratie en vertaling van de kansrijke elementen uit die drie perspectieven in één voorkeursperspectief voor het Beurskwartier: ‘Levend Centrum’.

Een uitgebreid overzicht van alle onderzoeksresultaten (o.a. analysekaarten en factsheets) is in de bijlage van het rapport te vinden.

 

Doelgroepen en mobiliteitsgedrag

Vanuit het perspectief ‘Levend Centrum’ hebben de bureaus voor de diverse groepen bewoners en gebruikers van het gebied de volgende vragen uitgewerkt: ‘Hoe nodigen we de verschillende doelgroepen in het toekomstige Beurskwartier uit tot gezond mobiliteitsgedrag en hoe zou dit gedrag er dan uit kunnen zien?’.

 

Adviesnotitie 'Uitnodigen tot Gezond Gedrag' Living Lab Utrecht SGS

De adviesnotite ‘Uitnodigen tot Gezond Gedrag’ (PDF) - opgesteld door Bovenkamers in opdracht van de partijen van het Living Lab Utrecht SGS - gaat over de doelen, de strategie en de doelgroepen voor gezond stedelijk leven in het toekomstige Beurskwartier, vanuit het perspectief van menselijk gedrag. Hierbij is gebruik gemaakt van inzichten uit de gedragswetenschappen.

In deze stedelijke omgeving gaat gezond gedrag vooral over:
•    Meer bewegen
•    Gezondere voeding
•    Gezondere lucht en geluidomgeving
•    Minder stress
•    Meer sociale binding

In het Beurskwartier gaan tienduizenden mensen wonen, werken, recreëren en reizen. Voor realiseren van een gezonde leefomgeving is het van belang om de behoeften van de doelgroepen te kennen. In stadsgesprekken heeft de gemeente Utrecht de behoeften van huidige en toekomstige bewoners, ondernemers, kantoorwerkers, reizigers en beursbezoekers verkend. Deze sluiten goed aan bij de gewenste gezonde omgeving en bij landelijke trends voor het stedelijk gebied.

Regulier stedelijk gebied lokt ongezond gedrag uit: in stedelijk woon- en kantooromgevingen worden voorzieningen veelal ingericht op gemak en zo weinig mogelijk bewegen en ongezond voedsel is makkelijk verkrijgbaar. In deze notitie beschrijft Bovenkamers een vijftal principes voor het uitlokken van gezond gedrag. Deze komen voort uit een analyse van de opgaven, de kenmerken van de doelgroepen en gedragsanalyse. Deze principes kunnen worden meegenomen in ontwerp en in ondersteunend beleid. 

Verder staan in de notitie inzichten beschreven over effectieve interventies om gezond gedrag te stimuleren. Op verhalende wijze is aangegeven wat de doelgroepen in het toekomstige gebied gaan doen, waarbij gezond gedrag een automatisch onderdeel is van hun leven. De inrichting en het aanvullende beleid beweegt de doelgroepen hierbij letterlijk tot gezond gedrag. Per doelgroep staan enkele belangrijke consequenties voor ruimtelijk ontwerp en beleid beschreven.

Slimme en Gezonde Stad Special

De Slimme en Gezonde Stad Special (PDF) is een uniek magazine boordevol visies, interviews, (resultaten van) pilots, beschrijvingen van praktische tools en meer. Als rode draad door de special zijn de volgende hoofdthema's gedefinieerd: duurzame en schone mobiliteit, circulaire economie, klimaatadaptatie en stimuleren van goed gedrag. De special is door uitgever Acquire Publishing verzorgd in nauwe samenwerking met het projectteam Slimme en Gezonde Stad en de zes pilotsteden.

Kennisvragen Slimme en Gezonde Stad

Het programma Slimme en Gezonde Stad heeft de pilotsteden de mogelijkheid aangeboden om kennisvragen te stellen. TNO gaf in samenwerking met RIVM en de Universiteit Utrecht een onderbouwd antwoord op deze vragen.  

De kennisvragen zijn reeds beantwoord door TNO. Deze antwoorden zijn gebundeld in een boekje, die op 20 september is gepresenteerd tijdens een Slimme en Gezonde Stad Bijeenkomst (lees hier het verslag).
Klik hier om het TNO boekje te dowloaden.

Tijdschrift Milieu: Slimme en gezonde stad

Het Tijdschrift Milieu: Slimme en gezonde stad (PDF) is een uitgave van VMM, een kennis- en relatienetwerk voor milieuprofessionals. In iedere editie wordt ingegaan op een thema dat speelt in de milieusector. In thema slimme en gezonde stad, gemaakt in opdracht van de gemeente Eindhoven, wordt weergegeven hoe Nederland werk kan maken van gezonde verstedelijking. In dat kader passeren onderwerpen als het ontwikkelen van een comfortabele leefomgeving, de sociale agenda, zorgzame stadsontwikkeling en spel de revue in deze editie.

Factsheets werklijnen Living Lab Utrecht SGS

Pal achter het centraal station van Utrecht verrijst een nieuw stukje stad. Dit nieuwe centrum wordt de innovatieve, duurzame en groene evenknie van de historische stadskern. Met bijzondere aandacht voor een schone, aantrekkelijke en vooral ook gezonde leefomgeving. 

Gemeente Utrecht werkt samen met de provincie Utrecht, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) in het Living Lab Utrecht, dat 3 jaar (2016-2018) inzet op kennisontwikkeling en innovatief ontwerpend onderzoek op het gebied van een gezonde stedelijke leefomgeving. Via vier inhoudelijke werklijnen wordt hieraan invulling gegeven, met speciale aandacht voor een vijfde, werklijnoverstijgende factsheet. U downloadt deze factsheets door op onderstaande links te klikken.

Introductie eindrapport 'Jongeren op de fiets - Casus Schiedam

In het onderzoek ‘Jongeren op de fiets’ (PDF) stelt student Esmee Overtoom van de Haagse Hogeschool de relatie tussen gedragskeuzes en fietsen centraal. Het doel hiervan is om nieuwe inzichten te verkrijgen voor verstedelijkings- en omgevingsbeleid, gericht op de kwaliteit van de leefomgeving en duurzame mobiliteit. Zij heeft in opdracht van het programma Slimme en Gezonde Stad van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, een gedrags- en contextanalyse van het fietsgebruik onder jongeren in Schiedam gemaakt. Hiervoor heeft zij de DOE-MEE tool van het ministerie gebruikt en de resultaten van het onderzoek van de NHTV Breda (de huidige Breda University of Applied Sciences) naar de beweegredenen van jongeren om wel of niet te gaan fietsen en hun fietsgebruik geanalyseerd. De doelgroep van dit onderzoek waren de scholieren van 12 tot en met 17 jaar van het Lentiz Life College in Schiedam. Op basis van de uitkomsten van de DOE-MEE workshops, literatuuronderzoek en gesprekken heeft Esmee Overtoom de gemeente Schiedam geadviseerd over mogelijke maatregelen om fietsen onder inwoners, vooral jongeren, aantrekkelijker en toegankelijker te maken. 

Belangrijkste resultaten en voorgestelde maatregelen:
De voornaamste redenen die de jongeren noemden om de fiets niet te gebruiken, waren: weinig tot geen ervaring met fietsen; weinig geld voor aanschaf en onderhoud van een fiets en dat zij zich nauwelijks bewust waren van de voordelen die fietsen met zich meebrengt. Daarnaast noemden zij de factor veiligheid ook als reden. De jongeren die niet goed kunnen fietsen, voelden zich niet zeker op de fiets als er veel verkeer om hen heen was, vanwege onvoldoende ervaring met fietsen. Een ander aspect dat werd genoemd omtrent veiligheid, waren de fietsonderdoorgangen. De onderdoorgangen worden als onveilig ervaren, doordat ze vaak slecht verlicht zijn.

Top 3 van mogelijke maatregelen voor gemeente Schiedam:

  • Doortrapweek- en dagen op basis- en middelbare scholen (organisatie van diverse activiteiten rondom de fiets, zoals fietslessen voor zowel scholieren als ouders, de reparatie van fietsen en BMX-trainingen);
  • Posters door de school en stad ophangen waarop de voordelen van fietsen wordt gecommuniceerd;
  • Fietsenmaker door en voor scholieren aan school, met als start het Lentiz Life College.

Engelse publicaties

Smart and Healthy City Program

Smart and Healthy City Program (PDF) describes the Dutch government program for Smart and Healthy Cities: the goals, the five themes and the activities in the pilot projects in six cities are explained. 
Also available in Dutch, see above.

Monitoring for a Healthy City - Citizen Science and Air Quality

Monitoring for a Healthy City (PDF) reviews the current state of measurement technology for citizen monitoring of air quality. It also provides instructions for monitoring air quality with small sensors for citizens that want to participate. The publication also describes how monitoring by citizens can support scientific endeavour to collect and understand data on air quality and thus facilitating the decision making process and policy development.
Also available in Dutch, see above.

Smart interventions for a quieter, healthier city

Smart interventions for a quieter, healthier city (PDF) presents ways in which we can create a quieter, healthier urban environment. The problem of noise annoyance is becoming ever more evident in this setting. It is here that the greatest health gains can be achieved. This publication focuses on the health impact of noise and on soundscape (perception of the acoustic environment as perceived by people in that place, in context) in the public domain. It presents practical solutions and best practice examples which have been shown to improve the quality of the human environment.
Also available in Dutch, see above.

Introduction master thesis 'Soundscapes health and wellbeing in urban areas'

It is important for the acoustic environment to be given attention as, in contrast to lots of other environmental issues, noise pollution is still growing. EU cities are noisier than ever before, with the noisiest areas becoming noisier and the quieter areas becoming less quiet. However, despite this the aural aspects of cities and urban planning are understudied. Even when the acoustic environment is acknowledged studies commonly focus on noise reduction, therefore lots is known about noise control but less is known about which sound elements can contribute positively to the acoustic environment. This thesis contributes to knowledge surrounding the soundscapes of public urban spaces, both positive and negative, as well as investigating how perception of these soundscapes interacts with other spatial aspects of urban areas and the implications of this for the health and wellbeing of users of these spaces. 

Main results and conclusions of the research on soundscapes:

  • When investigating which sounds are agreeable and which are disagreeable, nature and human sounds were the most agreeable and traffic and mechanical sounds were the most disagreeable - however, this varied by location.
  • Respondents in greener areas such as Maximapark found traffic and mechanic sound sources more unpleasant than in the busier areas like Schouwburgplein and Jaarbeursplein. This might be due to the expectation to hear traffic and mechanic sounds in more built-up spaces, this is supported by my results which show that if sounds are considered appropriate to the space the soundscape is considered more pleasant. 
  • There was a strong significant relationship between better rating of the soundscape and better rating of health and wellbeing, however reasons for this were not investigated.
  • Strong significant relationships were also found between rating of soundscape and rating of other spatial elements such as nature, visual aspects, and climate, showing that soundscapes might be integrated into spatial policies and planning.

Available documents: